Vier kussen die niet gebeurd zijn, en een die wel is gebeurd
(
Four Kisses That Didn't Happen, and One That Did)
by lamardeuse









Dutch translation by Eris



For Pearl



Rating:  R







1


Rodney denkt erover, soms, zelfs al weet hij dat het belachelijk is, hoe je het ook bekijkt. Normaal gesproken lijkt het scenario nog het meest op het plot van een slechte porno, zonder de bam-chicka-bam-bam muziek: Shappard lokt hem de hangar in onder een of ander vals voorwendsel, maakt de ramen van de puddlejumper zwart, duwt hem in een stoel en pijpt hem als een pro. Of hij overvalt Rodney in het lab op een avond laat als hij half slaapt, duwt hem tegen een muur and neukt hem snel en hard.

Rodney weet dat het te ver is gegaan als zijn fantasiën veranderen in kussen, want hij heeft een simpele theorie opgesteld: ofwel Sheppard stopt niks van zichzelf in een kus ofwel hij geeft alles van zichzelf in elke kus die hij geeft, en Rodney weet niet zeker of hij wil weten welke mogelijkheid juist zal blijken te zijn als Sheppard hem ooit zal kussen. Maar sommige nachten als hij zich alleen genoeg voelt en bang genoeg is, denkt hij erover hoe het zal zijn om Sheppard volledig te bezitten, in dat korte moment bepaalt door de zachte aanraking van hun monden.






2


“Ik was vijftien en zij was achttien.”

Een zacht gefluit van waardering van Ford trekt Rodney’s aandacht; tot nu toe heeft hij zijn uiterste best gedaan om hun slaapverwekkende herinneringen ophalen te negeren.

“Briljant, verlegen, had geen idee hoe mooi ze wel was. Geen van de jongens van haar eigen leeftijd keken maar naar haar om, omdat ze veel te slim voor hen was.” Een droge lach vol zelfspot. “Maar ik wist zeker dat ik haar ervan kon overtuigen dat ze een godin was.”

“En lukte dat?” Teyla’s stem.

Als Sheppard niet direct antwoord kijkt Rodney op van de Broederschap tekst die Alina hem heeft gegeven en ontmoet Sheppard’s open, hazelkleurige blik. Het is als een liefkozing, als langzaam en hulpeloos vallen richting de zon.

“Niet lang genoeg,” zegt Sheppard, terwijl hij zich terugdraait naar zijn teamgenoten met een zelfverzekerde grijns, “maar ja. Ik denk wel dat het lukte.”






3

De eerste keer dat Rodney Sheppard ziet nadat Sheppard op miraculeuze wijze zichzelf niet heeft laten verworden tot de basale atomen, denkt hij erover. Hij denkt er serieus, eerlijk waar echt over na, omdat hij dacht dat hij hem nooit meer zou zien, en in dat korte moment tussen doodsangst en herkenning, begrijpt hij dat als hij leeft en Sheppard niet, hij spijt zal hebben. Echte, eerlijk waar, serieuze spijt, en het feit dat hij zich niet kan herinneren ooit eerder spijt te hebben gehad maakt dat hij zich klein en geschokt voelt, want het is niet alsof hij niet de mogelijkheid heeft gehad voor een hele lading spijt.

 En de eerste keer dat Rodney hem ziet is semi-perfect; hij komt hem tegen net buiten Sheppard’s kamer, en dus is alles wat hij hoeft te doen Sheppard terug te duwen de deur door en hem te kussen. Sheppard zal eerst verrast zijn, en misschien zal hij dan kreunen en zijn mond zal zachter worden en hij zal Rodney duwen, een beetje, want hij was ook bang, en hij heeft dit nodig, heeft het nodig zich te herinneren dat hij leeft, dat hij echt is, dat hij hier is, en Rodney is misschien niet goed met relaties maar dit kan hij hem wel geven, en misschien dat Sheppard – John, hij zal hem dan John noemen – zal…

“Rodney? Rodney, alles goed?”

Rodney knippert met zijn ogen en staart en staart en Jezus, om het over het verprutsen van het potentieel meest romantische moment van zijn leven te hebben, want Sheppard - en het is absoluut Sheppard, niet John – staart naar hem alsof hij ernstig toe is aan een paardenmiddel.
“Ik – Ik ben gewoon – erg blij om je te zien,” zegt Rodney simpelweg en misschien is het niet alles wat hij gehoopt had, maar Sheppard glimlacht en kijkt onzeker naar de muur en zegt, “ja, ik ben ook best blij om gezien te worden”, en gelukkig kan Rodney hem dat tenminste geven.






4


”Verdomme!” Rodney kijkt naar het Ancient kristal terwijl het uit zijn gevoelloze vingers valt en tegen de grond in een miljoen stukjes uit elkaar slaat en Jezus, hij heeft hier zo genoeg van, hij weet dat hij het heeft verpest maar hij kan bijna alles repareren en hij heeft geen idee waar maar te beginnen om dit te repareren, en het maakt hem gekker dan hij zich ooit had kunnen voorstellen. En in aanmerking genomen dat alles in het Pegasus heelal zo ongeveer vanaf de eerste dag heeft samengespannen om hem gek te maken is dat een aardig groot statement.
 
“Calm down, Rodney,”  zegt Sheppard koel, en dat is zo hem, nietwaar, hij is cool, hij is altijd cool, en Rodney zou zijn linker bal geven om erachter te komen wat ervoor nodig is om John Sheppard op te winden.

En ja, oke, hij heeft nu onweerlegbaar bewijs dat hij gestoord is, want hij realiseert zich plotseling dat hij zijn handen op Sheppard’s biceps heeft en dat hij dichtbij genoeg staat om Sheppard’s aftershave te ruiken, wat trouwens niet Aqua Velva is maar iets fris en merkwaardig zoets.
Sheppard’s ogen zijn rond en vragend en na weken van vermijding en onverschilligheid voelt zelfs dit alsof hij uit elkaar barst, alsof hij van de rand van het universum is gestapt in een andere realiteit waar tijd gelijk is aan het geluid van Sheppard’s zachte, gelijkmatige ademhaling.

“Het – Het spijt me,” fluistert Rodney, omdat hij niet wil dat dit zo door gaat, maar hij weet niet hoe hij er een eind aan moet maken, en hij heeft nooit méér iemand anders dan hemzelf willen zijn dan nu, en hij zou Sheppard erom moeten haten maar dat doe hij niet, dat kan hij niet.

“Ik weet het,”  zegt Sheppard, bijna net  zo zachtjes, en dan neemt hij een stap naar voren en zijn vingers sluiten zich om Rodney’s arm en Jezus, zijn mond is echt mooier naarmate je dichterbij komt –

“Asjeblieft dan,” fluistert Rodney, en nu kan hij Sheppard’s zachte adem voelen. Sheppard’s mond krult zich in een glimlach, de eerste die Rodney heeft gezien in wat voelt als voor eeuwig, en hij fluistert terug, “Asjeblieft wat, Rodney?”
 
Misschien heeft Rodney op dat moment gegromd, hij weet het niet zeker; hij vermoedt dat het heel wat minder sexy is geweest dan dat. Maar wat het ook is, Sheppard’s ogen worden donkerder. Sheppard – John, John – John buigt zich voorover en –

– Radek loopt het lab in en ze springen uit elkaar als twee schuldige tieners.






1

”Oke,” geeft Rodney toe. “Het is een mogelijkheid.”

John trekt een wenkbrauw op en rodney weet dat hij denkt dat hij heeft gewonnen.
 
Ha.

“Mogelijk als in relativiteits-theorie mogelijk of vogels-stammen-af-van-dinosaurussen mogelijk?” vraagt John.

“Mogelijk als in deze-planeet-zal-in-de-zon-vallen-in-de-aankomende-vijf-minuten mogelijk,” antwoordt Rodney, met een evil grijns.

John’s ogen worde groter, dan vernauwen ze zich, en het volgende wat Rodney weet is dat plat op zijn rug op de matras ligt met een duidelijk hitsige Joh Sheppard ove zich heengebogen.

Niet dat Rodney klaagt.

“Je hebt het belooft”, zeurt John, zijn lippen glijden over die van Rodney voordat hij zich terugtrekt.

Rodney probeert om zich schuldig te voelen, maar dat doet hij echt niet. “Ik kan me niet herinneren ook maar iets belooft te hebben.’ snuift hij. Hij probeert uit hoe sterk John’s greep op zijn polsen is en ontdekt dat dat best sterk is, en wow, ja, dat is een grote turn-on daar.

“Wil je dat ik aan iedereen vertel dat jij je niet aan afspraken houdt?” fluistert John, dit keer terwijl hij zich bezighoudt met Rodney’s oorlel.

“Wil jij dat ik door de gang naar de mess loop met een gigantische stijve in mijn shorts alleen maar zodat jij koffie in bed kan krijgen bij zonsopgang?” vraagt Rodney eisend, terwijl hij net doet alsof hij er boos over is want hij zou bijna alles voor John doen en de klootzak weet het.

John’s glimlach wordt een beetje scheef, en Rodney gaat van opgewonden naar wanhopig in ongeveer een halve seconde. “Gigantisch, huh?” zegt hij lijzig, terwijl één hand Rodney’s pols loslaat om langs Rodney’s lichaam omlaag te glijden naar de tailleband van zijn pyjama. Rodney grijpt zijn kans en vouwt zijn hand over John’s achterhoofd en trekt hem hardhandig naar zich toe. John opent meteen voor hem, net als de eerste keer, net als elke keer dat ze gekust hebben sinds toen, wat zo vaak is geweest als ze voor elkaar kunnen krijgen tussen certain-death situaties en crises van intergalactische poporties.

Hij heeft John niet altijd, maar in dat korte moment bepaalt door de aanraking van hun monden, heeft hij alles van John, en dat is genoeg. Dat is meer dan genoeg, meer dan hij ooit had gehoopt te krijgen.

Meer dan hij ooit had gehoopt te geven.

“Oke,” hijgt Rodney als John hem eindelijk laat ademen, “je krijgt je verrekte koffie.”

“Later,” gromt John, terwijl hij tegen Rodney aanleunt voor een ander perfect moment.





End




February 2006


Read the English version

send feedback

leave a comment on my livejournal

Back to Stargate: Atlantis fiction